Vulcan Bike- Eifel Duitsland 10 september

Vulcan bike, Eifel marathon
10 september 2011, Daun, Duitsland
Afstand: 85 km, 2000 hm.

De Vulcan Bike is onder de echte mountainbikers een zeer populaire
marathon. Ik had er wel eens van gehoord, en’t leek me leuk om hem als
opening van het ATB seizoen te proberen.
Jammer dat ik na 12 km (27 minuten) een klapband kreeg en het hele
peloton langs heb zien komen. Gelukkig heb ik met een geleend achterwiel
de wedstrijd uit kunnen rijden en een goede indruk gekregen van de
zwaarte van het parcours. Ik heb genoten van het mooie weer en de
prachtige uitzichten onderweg.

De Eifel is vulkanisch! En daarom ook wel Vulkaaneifel genoemd. De
jongste vulkanen zijn al wel 10.000 oud, maar de ondergrond op veel
paden is gewoon (scherp) zwart lavagruis. Onderweg kom je enkele vreemde
ronde meren tegen, die zijn ontstaan door een gasexplosie.

De Eifel ligt op een kleine 400 km rijden, ter hoogte van Luxemburg. Dat betekent vroeg opstaan en een behoorlijke autorit, die door enkele
omleidingen langer was dan voorzien. Met een stapel pannekoeken op
schoot haalde ik lange afstandfietser Henry van Vugt op in Zaltbommel.
Tot mijn schrik bleek hij tot diep in de ochtend een feestje te
hebben gehad en zwaar beroerd te zijn. Hij wilde me niet teleurstellen
en stapte dus gewoon in. De hele rit lag ie in coma naast me. Aangekomen
in Daun trok de mist op en brak de zon door. Het  beloofde een mooie dag
te worden. Ik stapte uit en voel me stijf. Op vrijdag was de ketting van
mijn oude ATB gebroken op de terugweg van mijn werk in Utrecht en heb ik
liefst 17 km moeten steppen.

De Vulcanbike kent meerdere afstanden: de Ultra van 100 km, de Marathonvan 85 km en ook een halve marathon en een short-track.
Het aantal deelnemers voor de meest populaire afstand, de Marathon, was
volgens de omroeper 550. Niet massaal dus, en dat is maar goed ook, want
ondanks regelmatig brede paden, waren er genoeg singletracks waar
inhalen niet mogelijk was. En daar kan je last van krijgen als je achter
in het veld zit en een beetje door wilt fietsen.

Met 2000 hoogtemeters lijkt’t wel te doen. Maar schijn bedriegt. Het
zijn veel korte klimmetjes, die vol vermogen genomen moeten worden en
erg slopend zijn. Ik heb voor het eerst 30% stijgingspercentage op mijn
teller gezien. Daarbij kan je nauwelijks meer fietsen. Ik kwam tot 4,5
km/uur. Bovendien werkt de ondergrond vaak niet mee, met veel blubber,
gras en stenen. Dat remt aardig af. En, enkele malen is het gewoon
afstappen, ook bij trappen. Een 2-tal smalle houten bruggetjes over een
riviertje deden even schrikken.

De start van de Marathon is om 9:45. Om 9:00 starte de Ultra, waarvoor
ik net te laat was.
Ambities voor een top klassering had ik niet. Deze wedstrijd is een
mooie test of ik op de ATB nog een beetje vooruit kom. Super ben ik
niet. Door de virus in de neusholtes en daarmee samenhangende koppijn
was de voorbereiding de afgelopen 2 maanden ook erg mager. Maar
desondanks voelt de conditie of vorm niet slecht. Dus ik wilde wel iets meer dan achterin het veld een toerritje rijden.

Ik starte achter in het 2e vak en wist al snel naar voren te rijden,
mede dankzij een redelijk breed pad dat vlak buiten Daun omhoog liep. Na
een paar km kon ik naar voren kijken en zag een kopgoepje van 5 man, met
daarachter verspreidt 10 tot 15 man. De hartslag had geen moeite boven
het omslagpunt te komen en ik wist dat dit niet 4 uur vol te houden was.
Kortom, positie consolideren en kijken hoe ver we komen.

Knal… een klapband achter. Ik reed op een dalend bospad. Geen
stenenpad. Hoe kan dat nu weer? Een gat waar 2 vingers in passen. De
antilekvloeistof loopt er in grote hoeveelheden uit. De conclusie was
snel getrokken: einde oefening. Om zo’n gat te dichten heb je een hele
boomstam als vulling nodig. Daar is geen beginnen aan.
Ik zie het peloton langzaam aan mij passeren. Een quad (4-wielerig
brommertje) van de opganisatie komt voorbij. Ik hou’m tegen. En weet de
man er van te overtuigen dat ie mij achterop moet nemen. De weg schijnt
500 verderop te zijn. Keurig wordt ik afgezet op een punt waar een
brandweerauto staat, die een pickup oproepen om mij terug naar Daun (5
km afdalen) te brengen. Een kwartiertje later komt die opdagen en voor
ik’t weet sta ik weer naast mijn auto op de parkeerplaats. Henry schrikt
wakker. Wat te doen? Terug naar huis? Weer 4 uur rijden. Met slechts 12
km gefietst? En 42 euro betaald aan startgeld. Dat zal toch niet.

Henry zijn fiets staat achterin de auto. Met een achterwiel erin! Zou ie
passen? Ja hoor. Ik besluit terug te fietsen over de weg naar het punt
waar ik afgestapt ben. Daar bijna aangekomen realiseer ik me geen helm
op’t hoofd te hebben. Verdorie. Geen twijfel; weer terug naar de auto,
alwaar Henry al weer in diepe slaap ligt.

Zodoende heb ik, met een dik uur oponthoud, een herstart. Achterin het
veld van de Ultra, de Marathon en de halve Marathon. Bijzonder om ook eens achterin in het veld te rijden. 

Het snelheidsverschil is groot. Gelukkig is er regelmatig ruimte om te
passeren. Het parcours is pittig. Het schakelen is anders dan ik gewend
ben. Je gebruikt vooral de voorderailleur. Het kleine blad van de triple
heb ik echt regelmatig nodig. Gelukkig deed alles (remmen en schakelen)
het in de rest van de race prima. Met nog ca 20 km te gaan raakte mijn
water op. Vooral in de klimmen was het erg warm en op vol vermogen
behoorlijk zweten. De reserve bidon achterin mijn fietsshirt was ik
verloren. Dus stoppen bij een post en 4 cola’s naar binnen werken.
Gelukkig kon ik mede hierdoor het einde van de race halen zonder grote
verslapping. Met een tijd van 5:01:33 (152e) en een dik uur aftrek, kom
je tussen de 15e en 20e plek uit. Niet slecht. Op de Garmin moet ik
proberen uit te zoeken hoeveel tijd ik precies verloren heb. Helaas gaf
die halverwege de geest en is’t me nog niet gelukt hem weer op te
starten.
Opmerkelijk was de tijd van de winnaar van de Ultra; Karl Platt in
3:33:28. Die heeft gevlogen, en is bijna zo snel als de winnaar van de
Marathon. Hoe kan je op zo’n parcours bijna 30 km/uur gemiddeld fietsen?

Met enige tevredenheid kan ik de terugreis naar Nederland aanvaarden. Henry
is weer wakker en voelt zich al een stuk beter. Jammer dat ie niet heeft
kunnen fietsen, maar gezellig dat hij mee was.

Frank

advertenties