Reisverslag Saint Tropez april 2011

Donderdag 14 april om 18.30 stond het vertrek met de luxe touringcar van hoofdsponsor Vervoersbedrijf Juijn B.V. aangekondigd. Vanaf 17.00 uur meldden zich de eerste mensen van de grote groep wielerliefhebbers in het Rossumse (GLD) om gezamenlijk de geplande 18 -urige busreis richting Saint Tropez af te leggen.

Het inladen van de spullen verliep allemaal redelijk voorspoedig, alhoewel het met zoveel bagage (een complete buitenkeuken, de nodige proviand, de Cycloteam.nl partytent, de door sponsor Tops Personeelsdiensten BV ter beschikking gestelde scooter voor aldaar en natuurlijk onze gesoigneerde wielrenfietsen, waarvan de één nog mooier was dan de andere) nog passen en meten werd.

De sfeer zat er al goed in. Bij deze eerste door Cycloteam.nl georganiseerde busreis waren een hoop nieuwe gezichten aanwezig. Allen wielerliefhebbers die zich hadden aangemeld om met Cycloteam.nl een mooi vierdaags avontuur in de prachtige Côte d’Azur aan te gaan.

Onder de ‘gastrenners’ verschillende bekende namen uit de Cyclosport. Mannen die hun rappe benen al eerder tentoongesteld hadden, zoals Dimitri Jongeneel (rijdend voor Veltec), het Nijmeegse trio Maartje Munsterman, Tim Weernink en Jasper Carpaij  (beide bij de laatste Criq in hetzelfde groepje finishend als onze categorie winnaar Dirk Keijnemans) en cycloklepper Frank Scheffer.

Naast deze reeds in de Cyclo discipline bekendstaande snelle mannen en vrouwen hadden zich ook uit het ‘Haagse’ een drietal coureurs zich aangemeld. Onder hen Cycloteam.nl debutant Robert Tol, Hans Versleijen en Ralph Cullen (vriend van onze Haagse Ron…alom bekend van dé Amateurwielersite www.wielercafé.nl)

Dichter uit de buurt van het Rossumse hadden ook Léon van Maurik, Maries Cretier en Willem Cretier (van toerclub “De Trillende Spaken”) zich gezamenlijk aangemeld om hun beentjes een beetje kleur te geven in het zonnige departement de Var, waarvan de naam ontleend is aan de rivier de Var die uitmondt in de schitterende Middellandse Zee.

Vanuit Cycloteam.nl waren wieler-en gezelligheidsliefhebbers Râmon Rozendom, Gijb Looijen,  Teus van Heukelum, Erik Ruesink en Ultrabiker Henri van Vugt (net één dag terug van zijn Spaans avontuur op Mallorca) weer van de partij.

Dit weekend konden we rekenen op  een schitterende verslaglegging door onze Cycloteam.nl cameraman Tom Metz (www.BastaProducer.nl) en onze huisfotografen Frank en Ania Westdorp (www.AenFfotografie.nl). Vanuit de ‘schrijvende’ pers waren de gebroeders Paul en Rob de Jong (www.cyclobenelux.nl) aanwezig om de bevindingen tijdens ons verblijf op de viersterrencamping Les Naïades en omgeving gaande te slaan.

Met het bestuur (Peter, Leon en Christian) incl. aanhang en de twee buschauffeurs van Juijn was het 30 koppige gezelschap compleet.

De beenruimte in de bus bleek ruimschoots, waardoor je lekker comfortabel plaats kon nemen. Al rijdende (en slechts een paar keer stoppende) weg, werden tussen de verschillende deelnemers de eerste oriënterende gesprekken gehouden. Al snel bleek Rob de Jong het collectieve gesprekonderwerp te zijn geworden vanwege een slecht gevallen combinatie van de (on)nodige alcoholconsumptie en optredende reisziekte waardoor hij er op de heenreis beroerd aan toe was, en met hem alle overige tijdelijke busbewoners…Gelukkig verliepen de overige dagen voor hem beter, waardoor hij zijn rol als cycloreporter (en bidonaangever…) toch nog naar eigen tevredenheid kon invullen.

Ook Dimitiri zijn eigen kijk op (en vooral de registratie van) zijn voedingsinname was één van de thema’s dat tot onderwerp van gesprek leidde. Dat is dan ook leuk om te zien en ervaren hoe verschillend wielerliefhebbers bezig zijn met hun sportbeleving. En hoe men vervolgens in een groep hier van elkaar kan opsteken.

Nadat de Maaskantjes ons ook nog even vermaakt hadden, bleek de busreis heel voorspoedig te verlopen en waren we vrijdagmiddag aan het begin van de middag al op plaats van bestemming. In totaal zo’n 16,5 uur onderweg te zijn, viel dus volgens velen reuze mee. Het scheelt in ieder geval dat je niet zelf hoeft te rijden en dus ook lekker af en toe je ogen dicht kan doen.

De camping was helaas niet berekend op een touringcar met fietsaanhanger, waardoor de spullen allen voor de camping uitgeladen moesten worden. Nadat Christian en Peter bij de receptie ook hier een oplossing voor hadden geregeld door middel van een bestelwagen met grote open laadbak waar de spullen op konden worden gelegd, waren we ook heel snel in de 9 mobilhomes  geïnstalleerd. Vervolgens kon de Cycloteam.nl tent centraal worden opgesteld, zodat we een gezamenlijke plaats hadden waar we gezellig met zijn allen konden ontbijten en eten.

Vetrokken we in Nederland nog met een zonnetje, kwamen we hier in de miezerige regen aan….Dat verwacht je toch niet op voorhand van een streek waar het 300 dagen per jaar zonnig is..Een kijkje op de buienrader en het bleek inderdaad in heel Zuid-west Europa zonnig te zijn, enkel niet in onze streek…..Het geplande ‘beentjes losfietsen’ werd zodoende noodgedwongen eventjes opgeschoven naar later die dag. Hetgeen een goede beslissing bleek, aangezien we een paar uurtjes later met een grote groep in de doorkomende zon op het terras in Saint-Tropez hadden plaatsgenomen.

Vervelend hoor..Een lekker drankje op het terras in de zon aan de haven van Saint Tropez en kijken naar al dat moois (auto’s, boten en …) dat daar voorbij komt…. En dan ook nog eventjes een paar kilometertjes rustig uitfietsen.

Bij de geplande 10 kilometer terug naar de camping ontstond er wat misscommunicatie doordat enkele renners in het groepje van trainingsbeest Erik terecht waren gekomen. Erik had aangekondigd nog een extra lusje te doen, hetgeen niet bij alle aangesloten renners bekend bleek. Voor Willem (die ondervond dat het kraanwater in Zuid-Frankrijk toch beter niet in je bidon thuishoort), Marlies en Geertine (beide vrouwen hadden de racefiets dit jaar nog niet of niet veel aangeraakt), bleek de 10 kilometer vlak terug een tochtje van 25 respectievelijk 38 kilometers te worden, waarin enkele pittige klimmentjes op het menu stonden. Het voordeel van dit ommetje was weer dat ze bij terugkomst bijna gelijk konden aanvallen voor het avonddiner. De lekkere bami en nasi met saté maaltijd die door Eveliene en Ineke was voorbereid liet zich vervolgens dus goed smaken.

’s Avonds werd er bij de tent nog even lekker nagetafeld, maar velen kozen ervoor om het niet al te laat te maken. Tonny, Peter, Teus en Leon besloten nog eventjes te kijken hoe het nachtleven in Saint Tropez zal zijn. Dit bleek in deze tijd van het jaar nog tegen te vallen, aangezien slechts een handjevol barretjes open bleken te zijn. Met een cocktailtje voor 13 euro en een Carona biertje voor 9 eurotjes werkten de prijzen nou ook niet echt mee om het heel laat te maken… 

Zaterdagochtend werd het ontbijt weer netjes door Eveliene, Ineke en Geertine verzorgd; volle tafels en zelfs een lekker eitje erbij!
Ook het zonnetje begon al lekker door te komen. Hetgeen ook betekende dat er steeds meer mensen zin kregen om hun racebolide in gang te zetten. Tom en Ineke hadden hun golfspullen meegenomen en bleken zich vandaag goed te kunnen vermaken op de heuvelige golfbaan in de buurt, waarna ze ook ’s middags met de gehuurde auto gelijk de nodige gezamenlijke boodschappen hadden meegebracht. Frank en Ania vertrokken richting Saint-Tropez voor mooie plaatjes. Leon, Geertine, Tonny en Eveliene kozen ervoor om lekker in het zonnetje op de camping in Grimaud te relaxen en de rest ging collectief een paar uurtjes de beentjes losrijden. Tenslotte stond morgen de Granfondo op het programma.

Halverwege de middag konden we onze startnummers ophalen in Cogolin, alwaar ook de volgende dag de finish bleek te zijn. Nadat we dit collectief hadden gedaan, kon weer iedereen lekker zijn eigen ding doen en belandde het ene groepje op het terras aan de haven van Saint-Tropez, alwaar de andere groep weer op het terras bij  het zwembad van de camping zat. Sommige besloten nog een stukje te fietsen of gingen lekker al hun fiets preparen voor de volgende dag.

En bij een goede voorbereiding behoort natuurlijk ook een goede maaltijd. De pastamaaltijd die we kregen voorgeschoteld bleek een schot in de roos te zijn. Niet alleen was het een heerlijke maaltijd, maar de pasta bleek volgens voedingskenner Dimitri ook goed al dente te zijn, waardoor de voedingsopname ook optimaal was. Kijk weer wat geleerd!

Volgens wikipedia:
‘Bij pastagerechten duidt men dit vaak aan met de Italiaanse term al dente. Als pasta’s te lang gekookt hebben, laten ze meel los en worden daardoor plakkerig, wat met name het eten lastig maakt. Testen of spaghetti gaar is door een sliert ergens tegen aan te gooien en te kijken of deze blijft plakken, voldoet dan ook niet. Beter is tijdens het koken af en toe in een sliert te bijten, er de tanden in te zetten. Zodra de kern niet meer ongekookt aanvoelt is de pasta klaar. Dente is het Italiaanse woord voor tand, vandaar de term. Het is vooral belangrijk de pasta altijd te koken in een grote pan met veel water. Als de pasta dan in het kokende water wordt gedaan, koelt het water bijna niet af en is meteen weer aan de kook. Dat maakt het gemakkelijker de correcte kooktijd vast te stellen.’

De volgende dag, zondag 17 april, stond de Colnago Cogolin om 8 uur op het programma. Betekende dat het gezamenlijke ontbijt reeds om 6.00 uur klaar stond. Om ongeveer 7 uur vertrokken we als collectief naar Saint-Tropez waar de start plaats vond. Met nog een paar honderd andere wielerliefhebbers was het een mooi wielertafereel in de badplaats.

De koers (verslag van Leon):

Ook bij deze Granfondo bleek met een bevoorrecht startvlak te worden gewerkt, hetgeen we niet allen op waren ingesteld. Reporter Rob en broer Paul hadden als enige ervaring met deze Granfondo en die ervaring had geleerd dat het eerste uur rustig langs de kust een beetje gekeuveld werd. Dit had ik dus ook voor kennisgeving aangenomen.

De start bleek echter geheel anders te verlopen en in de eerste vlakke aanloop vielen er al vele gaten achter het grote peloton. Om de aansluiting voorin te maken, moest je af en toe eventjes 50 in het uur rijden om de oversteek van groep naar groep te maken. Samen met Erik reden we zo al de eerste paar honderd man voorbij om ruim voor de eerste klim de aansluiting te maken. Gelijk maar eventjes goed positioneren wat ook de nodige stuurmanskunsten vereiste. Her en der kwamen renners je links en rechts weer voorbij als je eventjes niet attent was, hetgeen ook resulteerde in een flinke valpartij van een Fransman.

Voorin zag ik al heel veel groen/geel terug. Peter was de eerste kilometers constant voorin te vinden, Tonny wist zich uiteraard makkelijk voorin te handhaven, Erik zat goed geplaatst, het Nijmeegse duo Tim en Jasper zaten ook lekker van voren en daarnaast zaten ook nog Frank, Christian en Veltec renner Dimitri bij de eerste 50.

Toen ik vervolgens keek wie er op kop zat te sleuren, was dat niemand minder dan onze eigen Henry. Henry heeft een hekel aan dat geduw en getrek en besloot zodoende maar voor de groep uit te rijden….En dat met ruim 40 in het uur..Wegkomen zat er natuurlijk niet in tegen zo’n peloton, maar het was wel een mooie toonzetting. Het tempo viel zodoende in het eerste uur helemaal niet meer stil.

Bij het opdraaien van de eerste klim, moest Henry in het begin zijn inspanningen eventjes bekopen en zakte een stukje terug naar achteren. Het tempo lag behoorlijk hoog en steeds meer mensen zakten door het ijs. Op den duur zaten enkel Tonny, Jasper en ik nog bij het uitgedunde groepje van een man of tien. Toen daar nog een demarrage plaatsvond, was het ook voor Tonny en mij te veel en wist enkel Jasper nog de oversteek te maken. Zelf belandde ik met Tonny richting de Col de Babaou in een achtervolgende groep van een mannetje of 8. Hier kwam Tim ook aansluiten en ook Dimitri wist zich nog in het tweede groepje te handhaven. Dit groepje was inmiddels zo’n 15 man geworden. Waar het in het klimmen bij ons allen nog goed ging, konden we in de afdalingen als Nederlanders geen vuist maken. De afdalingen lagen er bij de eerste twee klimmen echt beroerd bij. Slecht ongelijk wegdek met gaten en grind. Niet echt de ideale omstandigheden om je naar beneden te laten duikelen. De ontbrekende kennis van de streek, bleek ten opzichte van de thuisrijders ook een behoorlijk nadeel.

Gevolg was dat Tonny in de eerste afdaling geen onnodige risico’s wilde lopen en de aansluiting met de groep verloor. Hiervoor had Dimitri net al een bochtje gemist en zat ik als laatste in het wiel van Tonny. Omdat het gat naar zijn voorganger steeds groter werd, moest ik vervolgens in de afdaling zorgen dat ik weer aansloot. Aangezien ik ook geen held hierin ben, besloot ik eventjes op Dimitri te wachten (die na zijn gemiste bocht weer snel van achteren terug kwam) en samen zetten we de achtervolging in richting de tweede groep, alwaar enkel Tim van ons nog inzat. De tweede klim kwam er echter gelijk al achter aan en gestaag reden Dimitri en ik het gat richting de tweede groep weer dicht om net voor de afdaling van de Col de Collobrières daar weer aan te sluiten. In de volgende afdaling was het weer alle hens aan dek en maakten zowel Tim als Dimitri en ikzelf een paar stuurfoutjes, hetgeen je dan niet in de koude kleren gaat zitten….Die Fransen gingen dan ook echter als bezetenen naar beneden. Later begrepen we van Jasper, die dat stuk nog bij de beste zat, dat het voorin helemaal zot moet zijn geweest. Dit omdat o.a. mountainbike prof Julien Absalon (meerdere malen WK en Olympisch kampioen Marathon, zie www.absalon-julien.com) van de partij was.

Bij de tien kilometer lange klim van de Col de Notre Dame des Anges besloot Dimitri om het vuurtje aan te stoken. Vervolgens deed Tim daar nog een poging bovenop en werd ik zelf ook iets te overmoedig door op buitenblad te blijven zitten en weg te proberen te rijden uit het groepje. Toen ik vervolgens naar het binnenblad schakelde kwam ik gedurende een paar minuten niet meer lekker in mijn ritme en moest een man of 8 laten lopen. Ook Tim dreigde slachtoffer te worden van het moordende tempo van een Franse renner. Tim en ik besloten om samen het gat richting de 8 man dicht te rijden. In de resterende twee kilometer van de klim lieten we het gat niet groter worden en bij een stukje afdaling vervolgd door een stuk vals plat kwamen we op een paar meter te hangen. In de afdaling konden we vervolgens weer aansluiten.

Boven op de top hadden we erop gerekend dat Tom en Frank een bidonnetje konden aangeven, maar hun route hierheen voorliep niet volgens planning. Ze werden door een Fransman verkeerd gestuurd. De organisatie had een stuk van het parcours ‘gewist’ etc. Dit betekende dus dat ik na zo’n 80 kilometer nog slechts een half bidonnetje met Maxim dorstlesser over had. Niet genoeg om de gehele tocht te volbrengen…

In de afdaling, die weer serieus hard werd genomen, verloor Dimitri de aansluiting. Tim miste ook nog eventjes een bochtje, maar wist zich gelukkig snel te herstellen. Beneden aangekomen bleek dat er in onze groep niet heel veel animo was om met zijn allen te gaan draaien. Dimitri kon vervolgens met een andere coureur zodoende weer aansluiten en ook hij probeerde beweging in de groep te krijgen.  Door zelf, als Nederlanders, maar het goede voorbeeld te geven, bleef er nog wel een redelijk tempo in de groep zitten, maar niet genoeg om de kopgroep weer in het zicht te krijgen. Sterker nog. De sterke kopgroep, met veelal profs, bleek bij de finish bijna een kwartier voorsprong te hebben..

Doorat ik na 90 kilometer met slechts een paar druppeltjes in mijn bidon zat en de afgelopen dagen nou niet echt op mijn vochtbalans had gelet, begon ik me serieus zorgen te maken. Zal toch niet zo zijn dat ik nu voor een top 15 plek rijd en dan gelost moet worden omdat ik geen vocht meer in mijn lijf heb?!

De afspraak was dat Tom en Frank na de Notre Dame achter de voorsten renners aan zullen blijven rijden. Ik bleef dus maar hopen dat ze elke moment ergens aan de rand van de weg stonden. Ook Tim stond bijna leeg en zal het niet nog 60 kilometer zonder nieuwe bidon uit gaan houden. Hij gaf mij nog een paar slokken van zijn laatste bidon, waardoor ik het gevoel had nog in leven te blijven. Nog bedankt hiervoor! De eerste redding kwam vervolgens na (schat) zo’n 95 tot 100 kilometer toen Rob de Jong daar foto’s stond te maken en hij een bidon voor Dimitri had. Aangezien Dimitri nog een volle bidon had, mocht Tim deze hebben en kreeg ik vervolgens weer een klein half bidonnetje van Tim. En als je bijna uitgedroogd bent (het was inmiddels niet alleen volop zonnig maar ook behoorlijk warm geworden), drink je dat dus weer snel op.

In dit tussenstuk besloot ik zodoende maar om totaal geen kopwerk meer te doen en me lekker in het laatste wiel te nestelen. Het was tenslotte nog zo’n 50 kilometer te gaan. Mijn gedachten bleven bij Frank en Tom en omdat ik mijn mobiel niet bij hand had, vroeg ik aan Tim en Dimitri of ze geen telefoon paraat hadden. Dan konden we ze opbellen en wisten we ook waar we aan toe waren. Net voordat Tim en ik dachten dat we elke moment in de verkramping konden schieten, hoorden we getoeter achter ons en werden we gered (zo voelde dat tenslotte) door Frank en Tom die zich een weg hadden kunnen banen door alle groepjes achter ons. Zo dronk ik bij kilometer 128 in een paar teugen een nieuwe bidon leeg en stak nog een tweede bij me voor de finale.

Ik voelde me langzaam ook weer beter worden en toen een Fransman op zo’n 25 kilometer voor de finish zei dat er een grote groep achter ons zat en hij dus versnelde, twijfelde ik ook geen seconde meer en besloot weer lekker mee te gaan draaien. Uiteindelijk viel het tempo hierna ook bij ons niet meer stil en na een paar verwoede pogingen van twee Fransen om ons in de afdaling te lossen, gingen we uiteindelijk met 7 man de finale in. Dimitri deed nog een verwoede poging om op de laatste klim weg te komen, maar die slaagde niet. Het kat en muisspelletje voor de sprint werd mooi gespeeld. Zelf dacht ik twee kilometer voor de finish nog solo weg te rijden, maar dit hield ik na 30 meter met de wind in mijn gezicht weer voor gezien. Ik stak netjes als tweede weer in en een paar honderd meter voor de finish ging Tim er als een bezetene vandoor. Hij kreeg een jonge Fransman mee en Dimitri sprong ook in het wiel, maar blokkeerde. Zelf sprong ik daar vervolgens overeen en kwam een half wieltje na Tim als derde van de groep (en 13e in de uitslag) over de streep. Net voor Peter Enckels (een Belgische cyclotopper die zo ongeveer de gehele dag met Jasper had opgetrokken, maar de laatste 20 kilometer moest lossen en zodoende door ons ingerekend werd). Dimitri werd 15e en Jasper bleek doordat hij een heel stuk solo moest rijden, slechts een kleine 2 minuten voor ons een hele mooie 10e plek te hebben behaald.

De groep die de gehele tijd achter ons had gezeten, bleek uiteindelijk weer zo’n twee minuten na ons binnen te komen. Hier zaten Frank Scheffer, die helaas onfortuinlijk ten val was gekomen en zijn sleutelbeen had gebroken, en de sterke Henri van Vugt in te zitten.

Na afloop bleek voor de rest enkel Erik  met een tweetal lekke banden pech te hebben gehad. De overige renners en rensters hadden bijna allemaal het gevoel dat ze een lekkere cyclo hadden gereden. Toen we vervolgens de uitslagen erop na gingen kijken, bleek dat de geweldige prestatie van Maartje op de volledige afstand ook nog eens beloond werd met een 2e plaats in de categorie dames 18-34 jaar. We hadden dus gelijk een mooie podiumfoto bij ons Franse avontuur aan de Middellandse Zee.

Nadat iedereen bij terugkomst op de camping zijn spullen richting bus had gebracht, werden er bij de camping nog even met zijn allen genoten van de nodige heerlijke verschillende pizzapuntjes en patatjes aangevuld met een glas rosé. Voldaan van een perfect weekend met veel zon, lekker eten en heel leuk gezelschap kon de busreis weer aanvangen.

Maandag half één waren we weer terug in Rossum met een mooi avontuur in de herinnering. Ik kan namens het bestuur spreken dat we met veel plezier terugkijken op een voor ons geslaagd weekend. Nu maar hopen dat Frank weer snel de oude is! Allen bedankt voor dit gezellige weekend!

advertenties