Frank’s Trois Ballons 2011

Beste fietsvrienden,

 

Zaterdag 11 juni 2011.

Les Trois Ballons, 205 km, 4200 hm: 47e plek op 6:54.

 

 

 

Wat was ‘het moment’ van de dag?

Niet de regen vlak voor de start, die me bijna deed besluiten weer diep in de slaapzak te duiken.

Niet de openingsklim op de Servance, waarbij ik de kopgroep liet gaan.

Ook niet de slotklim op de Planche des belles filles, waarbij ik instortte.

Het waren de stoplichten in Thur aan de voet van de Hunsdruck. Die waren voor mij bepalend voor het gehele verdere verloop van de wedstrijd.

 

 

Een wedstrijd die ik vooraf meer als toertocht wilde beschouwen ter voorbereiding op de Transalp eind juni. Na 5x de Trois Ballons en 6x de Marmotte op rij, werd het tijd voor wat andere uitdagingen. De Marmotte is vanwege de ‘neutrale’ Glandonafdaling sterk gedegradeerd en voor de 3Ballons valt mijn beste klassering (19e plek) toch niet meer te verbeteren.

 

Maar het bloed kruipt waar het niet gaan mag. Dit jaar gingen bijna alle bekende en minder bekende cyclorenners naar de 3Ballons. En dan wil ik niet achterblijven.

 

Zodoende sta ik weer op de camping van Champagny. Aanzienlijk drukker dan vorig jaar, zoals ook te merken is bij de inschrijving. Het mooie weer en de toegenomen populariteit van cyclo’s over de gehele breedte zal daar de oorzaak van zijn.

 

De weersvoorspelling is niet slecht, hooguit een enkel buitje. Hoe anders is het nog 30 minuten voor de start, wanneer het plenst en ik samen met het jonge opkomende talent Arjan in de auto zit te bibberen. Wat doen we? Met mijn lage ambities is de verleiding groot om niet te starten. Maar ja, 2x 7 uur autorijden is nogal een investering.

 

Gelukkig stopt de regen en is het mogelijk om net op tijd droog bij de start te komen. Alle ploegen zijn sterk vertegenwoordigd; Veltec en Grinta zullen domineren, maar ook de groen/gele shirts van Cycloteam.nl, waarin ik ook fiets, zijn prominent aanwezig is het voorste startvak.

 

De wedstrijd verloopt zoals die altijd verloopt. Massaal naar de voet van de Ballon de Servance, en dan vol erin. Ik heb me voorgenomen het niet te gek te maken, en me daar ook echt aan te houden. Dus, de voorste groep van 20/25 man laat ik lopen. Met nog een klein stukje klim te gaan hang ik tussen de 1e en 2e groep (met Ruvar en Arjan) in. Gas terug en laten inlopen. Met de 2e groep daal ik af, het worden er een stuk of 35 als we in het dal fietsen. Op de Col d’Oderen zie ik voorste groep dicht voor ons fietsen. Ons tempo is echter laag, en groep 3, waarin Dimitri en Sander zijn teruggezakt, sluit aan. Met dik 50 man gaan we op weg naar de Route de Cretes. De klim begint met 5% en iedereen kan mee, maar het 2e deel wordt steiler en alles valt dan normaal gesproken uiteen. Vooraan fiets ik met Dimitri, Sander en nog 2 man. De benen voelen goed. Zou het lukken om ons af te scheiden? Nee dus. Het breekt onvoldoende, en op de glooiende bergrug naar Le Markstein sluiten de meesten weer aan, ook Edith van den Brande.

 

De Cycloteam-kleppers Koen en Tonny zitten er bij. Jasper, Tim en Leon zitten echt van voren. Helaas moeten allen uiteindelijk door materiaalpech of ‘de man met de hamer’ capituleren.

 

Op de Grande Ballons is er wederom geen tijd om de drinkbus te vullen en stort iedereen zich in de afzink. En dan komen we bij ‘mijn moment van de dag’. Aan de voet van de Hunsdruck loopt het parcours door een smal omleidingsstraatje en passeert een drukke hoofdweg. Bij de stoplichten staat politie, je hebt geen andere keus dan afstappen. Het moment wordt door velen gebruikt om de blaas te legen. Bij mij is de druk niet groot, maar goed voorbeeld doet volgen. Lastig om te ontspannen, het licht gaat alweer op groen terwijl ik mijn nog best doe om te plassen. Als iedereen vertrokken is springt het licht alweer op rood en …. ben ik te laat. Als laatste en enige wordt ik tegengehouden. De groep verdwijnt uit zicht om de klim te beginnen en ik blijf wanhopig achter. Ik schreeuw, maar het helpt niets. Het duurt en het duurt, bijna 3 minuten !!!???

 

Als een wilde met maar één doel schiet ik uiteindelijke weg bij het groene licht. De 5 km klim naar de Col du Hunsdruck rij ik in een recordtijd. Enkele gelosten passeer ik alsof ze stilstaan, even heb ik zicht op een groepje 500 m voor me. Dan de afdaling en de vlakke aanloop naar de voet van de Ballon d’Alsace. Volle bak in het rood, hopen op aansluiting, zie ik iets voor me opdoemen. Ja, het peloton met volgwagens. Nog een schepje er bovenop … en … gered.

 

Nu maar hopen dat ik kan recupereren.

 

Niet helemaal, helaas. Op de Alsace kan ik niet meer met de besten mee. Een paar man zijn ontsnapt en zien we in de afdaling niet meer terug. Met een 10 man (met Ruvar) en 1 vrouw (Edith) hobbelen we naar de voet van de slotklim. De benen voelen lang niet meer zo goed als op de Grande Ballon.

 

Waar ik me had voorgenomen om in de slotklim te excelleren, werd het weer een gevecht tegen vermoeidheid, uitputting en zere benen. Even probeer ik het nog door halverwege iets aan te zetten, maar met nog nauwelijks 2 km te gaan komen Ruvar en Edith langs me heen stort ik zo’n beetje in.

 

Als laatste van de hele groep kom ik stapvoets over de finish.

Een 47e plaats. Gezien mij lage ambitie niet slecht. Gezien de vorm van de dag een onvoldoende.

Hoe dan ook, ondanks de regenachtige ochtendstart is het een prachtige zonnige dag, en zitten we heerlijk met een bordje pasta op de grond wat na te praten. Iedereen heeft zijn verhaal; met pech en/of afzien.

 

 

 

In de auto op weg naar huis evalueren we nog even door. Om 11 uur ‘s avonds zet ik Arjan af in Utrecht. Het is nog vroeg, mijn 3 kinderen zijn alle ‘stappen’ (Pinkpop, basketbalfeestje resp. nachtdienst in de kroeg). Het wordt weer een verstoorde nacht. De 2 ‘vrije’ Pinksterdagen zijn gevuld met de inrichting (vloer leggen ed) van een kamer en verhuizing van mijn studerende dochter in Nijmegen (geneeskunde).

 

Het normale leven gaat weer door. De Eddy Merckx moet ik vanwege familieverplichtingen waarschijnlijk laten lopen. De week daarna is de Transalp, mijn hoofddoel dit seizoen.

advertenties