tussen de wielen in de ronde van Barneveld

Het is alweer een tijdje geleden dat er een verslag uit mijn laptop kwam rollen.

Niet dat ik niet gekoerst heb in de afgelopen periode, maar eigenlijk omdat de resultaten niet echt spraakmakend waren en de koersen bij tijd en wijle ronduit saai.

In de vakantieperiode heb ik onder andere in Breda Doornbos (10e), Noordeloos (25e), Nieuwegein ZAC (2e), Zundert (35e), Almkerk  (22e),  NK Achtmaal (21e), en Breda ZAC (2e) gereden.  De eerste koers die eindelijk een beetje interessant was was die van Zaterdag 15 augustus. Bijna iedereen kent de Wie-Kent-Kwis nog wel waarin Kwismaster Fred Oster wekelijks een aantal Cavia’s door een bak met schotjes liet racen en maar hopen dat ie het poortje inging met de hoogste geldwaarde. De Fortis Wielerronde Hartje Barneveld geeft je het gevoel een cavia te zijn in de bak van Fred Oster. Het is een criterium van 1000 meter, en elke meter gaat over klinkers door het winkelgebied van Barneveld. Beide zijden van het parcours zijn rondom afgezet met dranghekken en de terrasjes zijn goed gevuld met van hun versnaperingen genietende mensen. Je moet nooit vallen, maar hier zeker niet. Bij een val is de kans meer dan aanwezig dat je na een hoogstwaarschijnlijk zeer onprettige ontmoeting met een dranghek bij iemand in het publiek op schoot beland. Het toch al extreem smalle parcours is gekruid met een zevental tranentrekkend krappe bochten waarbij iedere bocht wel een eigen horror verrassing in petto heeft. De ene heeft putten precies in de rijlijn, en de andere stikt van de gaten en kuilen of is zo krap dat je bijna af moet stappen. Ik heb diverse beschrijvingen gehoord van het rondje die varieerden van “lastig” en “technisch” tot zelfs levensgevaarlijk. Gelukkig waren er geen valpartijen te betreuren en wist iedereen die startte de wedstrijd heelhuids uit te rijden of in ieder geval te beëindigen. De wedstrijd zou 45 ronden zijn en om 17.30 uur starten. Beide bleken achteraf iets aangepast te zijn, de start werd 15  minuten uitgesteld doordat het parcours niet op tijd klaar was, hierdoor werd de toch al extreem korte wedstrijd ook nog eens ingekort. De hoge temperatuur en het zeer zware rondje zorgden er voor dat ik achteraf het gevoel had wel 70 kilometer gekoerst te hebben in plaats van de werkelijk gereden schamele  36 kilometers. Een bijkomend voordeel van dit soort rondjes is wel dat je gedwongen wordt om enorm hard door eigenlijk te krappe bochten te rijden, waardoor je  genoodzaakt bent je angsten opzij te zetten en je stuurmanskunst danig op de proef gesteld wordt. Lukt het je dan om zo’n wedstrijd tot een goed einde te brengen, dan hou je er meer zelfvertrouwen aan over en zul je in de daaropvolgende koersen makkelijker je bochten rijden want voor je gevoel heb je dan zeeën van ruimte.

Ik stond bij de start tussen nogal wat kleppers, ik zag Martin Bekking en stond naast Jefte de Bruijn en achter Lars Rietveld. De gebroeders de Pruijsenaere waren uiteraard present bij “hun” thuiswedstrijd en ook Robert de Poel kwam nog even bijschrijven. Voor de start hoorde ik nog een renner tegen Jefte zeggen: Deze zal wel  weer voor “de Poel” worden. Nota bene  tegen de leider in het regelmatigheids klassement. Persoonlijk had ik eigenlijk Jefte getipt voor deze koers of misschien Martin Bekking. Natuurlijk Robert maakt goede kans maar was maar 1 van de kleppers die aan de start stonden. Direct in de eerste ronde ging het al hard, en na iedere bocht moest je volle bak op de pedalen en sprinten om niet meteen op een gaatje te zitten. Ik wist dat het hier absolute  noodzaak was om voorin te koersen en nestelde me stevig bij de eerste 20 van het peloton. Even wennen aan het rondje en even in het ritme komen dacht ik, dan komt het prima in orde vandaag. Mijn benen voelde prima en het aanzetten na de bochten ging als vanzelf en zonder al teveel moeite. Helaas zaten er voor me een aantal jongens die er iets anders over dachten want al vrij snel lieten ze een paar plekken voor me een klein gaatje vallen. Voordat ik het goed en wel in de gaten had ontstond een kopgroep van 13 mannen en alweer zonder mij! Ik had een straatlengte nodig om aan kop van het pelotonnetje te komen en ben gewoon zo hard gaan rijden als ik als ik maar kon zonder me te sparen. De mannen vooraan zagen dat er gejaagd werd, en gaven nog een beetje gas bij. Dit kat en muis spelletje heb ik een ronde of 8 vol kunnen houden, maar toen begonnen mijn benen vol te lopen en moest ik de strijd staken. Zonder hulp tegen een kopgroep van 13 man is natuurlijk een onbegonnen zaak maar ik wilde het in ieder geval geprobeerd hebben. Wat ik wel bereikt had, was dat ik de rest van het peloton ook aan gort gereden had, want we waren nog maar met zeven man over in de achtervolging.

Het tempo bleef vlak en ons groepje maakte zich al lang geen illusies meer over het inhalen van de kopgroep. De wedstrijd bloedde op deze manier dood en in de laatste ronde leefde een drietal renners weer wat op waardoor het tempo weer flink omhoog ging. Ik kende de sprintcapaciteiten van mijn medevluchters niet en zorgde daarom dat ik bij de voorsten zat bij het doorkomen van de laatste bocht. Ik ging de sprint vol aan en vrij eenvoudig sprintte ik de renner voor me voorbij naar de 15e plaats. Moe maar voldaan ben ik naar de sporthal gegaan waar we werden getrakteerd op ijskoude douches. Bij het inleveren van de rugnummers kregen we een flesje AA drink en hoe kan het ook anders in Barneveld een doosje eieren mee. Wat een avontuur deze koers, voor de mannen met slechte benen een hel en voor degene in vorm een makkie zo zal het wel altijd blijven.

 

Tot de volgende keer tussen de wielen.

advertenties