Tussen de wielen in de Omloop van de Hoekse Waard

Vroeg naar bed was het plan voor vrijdagavond, maar dat blijkt in Huize van de Meijden slechts een Utopie. Het was elf uur voordat ik het licht uit deed en naar mijn bedje vertrok. Fiets en voeding, materiaal en kleding alles was in gereedheid voor gebruik in de laatste klassieker van dit seizoen. Een rit in lijn over 95 kilometer van Puttershoek naar Puttershoek. De ronde bracht ons in het merendeel van de in de Hoekse Waard gelegen dorpen. Na een in onze ogen rustige neutralisatie zonder al te veel gezenuw gingen we los. Het ging ook werkelijk los want we waren pas een paar kilometer op weg toen het in de polder al volop op het kantje ging. Je moest uitermate attent koersen want links en recht vielen al de eerste slachtoffers. Niet lang daarna brak het peloton definitief. Met 6 van de 8 Maas~Waalers in de kopgroep van ongeveer 50 renners zag het er voor onze club rooskleurig uit. Maurice die zich niet onbehoorlijk had weten te handhaven in de voorste regionen van de groep kwam er doorheen zakken en moest helaas ook lossen uit de hoofdmacht. Gijsbert, Corne en ik zaten wat verder achterin te koersen en helaas was dat ook onze grootste fout van de dag want op het zoveelste dijkje waar het op een lint ging brak ook de hoofdmacht aan de achterkant in stukjes waar we alle drie slachtoffer van waren. Met veel bombarie werden de overige slachtoffers aangespoord tot het opzetten van een waaier om in een verwoedde poging nog te proberen terug te keren aan de voorzijde van de wedstrijd. Natuurlijk waren deze mannen er niet voor niets afgewaaid, en het leek een schier onmogelijke taak die we onszelf gesteld hadden. De wind speelde de meeste mannen grote parten, maar er werd toch dapper gestreden. Af en toe werd er eens een beurtje overgeslagen, maar dat deden we allemaal dus daar werd niemand op aangekeken. Het verschil tussen onze kleine groepje en de grote groep voor ons was twee minuten geworden en dat wisten we ook te consolideren wat op zich al een hele prestatie was. In onze groep bevonden zich dan ook niet de minste renners. Corne en Gijsbert hadden eigenlijk de moed een beetje laten varen en waren van zins om ergens af te slaan en op het gemakje terug te toeren naar Puttershoek en de aandacht te richten op de district kampioenschappen van aankomende Maandag. Er ontstond een gaatje tussen ons drieën en de groep waar we bij zaten, maar ik vond het zonde om niet door te rijden en besloot toch weer aan te pikken toen de beide mannen me passeerden en besloten voor de wedstrijdpunten te gaan en de koers toch uit te rijden. Na een tijdje zei Corné dat hij bij het eerste het beste bord Puttershoek dat we tegen zouden komen af zou slaan. Helaas voor hem stond dat bord in Puttershoek en was hij dus genoodzaakt de koers uit te rijden. In het open stuk polder tussen s’Gravendeel en Puttershoek konden we rechts voor ons de kopgroep zien en achter ons de overblijfselen van het peloton. Veel tijd om om ons heen te kijken hadden we niet want de jacht was nog altijd in volle gang. Helaas voor ons werd de afstand op de 38 mannen voor ons niet kleiner en reden we voor de 39e plaats. Bij het inrijden van Puttershoek wilde ik nog de sprint aantrekken voor Gijsbert, maar Corne had inmiddels het hazepad gekozen. Ik kon natuurlijk niet op Corne zijn wiel gaan rijden dus ik moest mijn snelheid beperken. Gijsbert zat strak in mijn wiel, en liet zich naar de bocht de finishstraat brengen. Eenmaal door de bocht was het voor hem geen probleem om de sprint van de groep te winnen waarmee hij 39e werd. Corne wist de 46e plaats te behalen en ikzelf de 48e. Ik vond het een hele ervaring om eindelijk eens een klassieker bij de A amateurs te rijden en ben daarom niet ontevreden met mijn plaatsje bij de eerste 50. Tot bij de volgende tussen de wielen.

advertenties